Fokreglement-VFR

Verenigings Fokreglement voor de Alaskan Malamute (download als pdf: Fokreglement)

1. ALGEMEEN

1.1.

pameiyut-team-lrDit reglement voor de Alaska Malamute Club voor Nederland, hierna te noemen de vereniging beoogt bij te dragen aan de behartiging van de belangen van het ras Alaskan Malamute zoals deze zijn verwoord in de statuten en het huishoudelijk reglement van de vereniging. Dit Verenigingsfokreglement (VFR) is goedgekeurd door de algemene ledenvergadering van de vereniging op 17-11-2013. Inhoudelijke aanpassingen van het VFR kunnen uitsluitend plaatsvinden met instemming van de algemene ledenvergadering van de vereniging.

1.2.

Dit Verenigingsfokreglement (VFR) geldt voor alle leden van de vereniging voor de Alaska Malamute Club voor Nederland.

1.3.

Het bestuur van de vereniging verplicht zich, de door de Algemene Vergadering van de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland vastgestelde wijzigingen van het Kynologisch Reglement (KR), die betrekking hebben op dit Verenigingsfokreglement, terstond hierin door te voeren. In tegenstelling tot het gestelde in artikel 1.1 behoeven deze wijzigingen niet de goedkeuring van de algemene ledenvergadering van de vereniging.

Dit ontslaat de individuele fokker niet van de plicht, zelf op de hoogte te zijn en te blijven van recente wijzigingen in het KR, ook als het bestuur van de vereniging hier in gebreke blijft.

1.4.

Voor wat betreft de omschrijving van de in dit VFR genoemde definities gelden de omschrijvingen zoals vastgelegd in het Huishoudelijk Reglement en het Kynologisch Reglement van de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland.

1.5.

Voor wat betreft de externe regelgeving gelden de regels zoals vastgelegd in het Huishoudelijk Reglement en het Kynologisch Reglement van de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland.

1.6.

Inschrijving van een nest in de Nederlandse stamboekhouding (NHSB) door de Vereniging Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland vindt plaats conform de regels zoals vastgelegd in het Kynologisch Reglement.

2. FOKREGELS

Artikel VIII.2 KR in samenhang met regels van de vereniging.

2.1. Een teef mag niet worden gedekt door haar grootvader, haar vader, haar broer, haar zoon of haar kleinzoon.

Pups, voortgekomen uit één van de genoemde combinaties, zullen niet in het NHSB worden ingeschreven (Artikel VIII.2 KR en Artikel III.14 lid 1l KR)

2.2. Herhaalcombinaties:

Dezelfde oudercombinatie is maximaal 3 (drie) maal toegestaan.

2.3. Minimum leeftijd reu:

De minimale leeftijd van de reu op de dag van de dekking moet tenminste 18 (achttien) maanden zijn.

2.4. Aantal dekkingen:

De reu mag maximaal 4 geslaagde dekkingen per kalenderjaar verrichten met een totaal van maximum 20 geslaagde dekkingen gedurende zijn leven.Als geslaagde dekking geldt een dekking waaruit minimaal één levende pup is voortgekomen en ingeschreven in het NHSB.
NB 1: In bijzondere omstandigheden zal een nest niet worden ingeschreven in het NHSB (artikel III.14 KR). Ook dan wordt uitgegaan van een geslaagde dekking.
NB 2: indien sperma wordt gebruikt van de reu voor kunstmatige inseminatie (KI), telt dit mee als een ‘dekking’.

2.5. Cryptorchide en monorchide:

cryptorchide of monorchide reuen zijn uitgesloten van de fokkerij.

2.6. Gebruik buitenlandse dekreuen:

Wanneer een lid van de vereniging voor een dekking een niet in Nederlands eigendom zijnde reu, welke wel staat ingeschreven in een door de FCI erkende stamboekhouding, wil gebruiken dan dient deze reu te voldoen aan de gezondheidseisen van dit VFR.

2.7. Kunstmatige inseminatie (sperma van levende en/of overleden dekreuen):

als een fokker voor een dekking het sperma gebruikt van een nog in leven zijnde dekreu, dan gelden voor deze dekking de regels van dit Verenigings fokreglement alsof het een natuurlijke dekking van de dekreu betreft.

2.7.1.

Indien het een overleden dekreu betreft die niet voldoet aan de gezondheidseisen gesteld in hoofdstuk 4 dan is in bijzondere omstandigheden afwijking hiervan toegestaan.

3. WELZIJNSREGELS (Artikel VIII.1 KR)

3.1.

Een teef mag niet worden gedekt vóór de dag waarop zij de leeftijd van 22 maanden heeft bereikt.

3.2.

Een teef, waaruit niet eerder pups zijn geboren, mag niet worden gedekt na de dag waarop zij de leeftijd van 72 maanden heeft bereikt.

3.3.

Een teef, waaruit eerder pups zijn geboren, mag niet meer worden gedekt na de dag waarop zij de leeftijd van 96 maanden heeft bereikt.

3.4.

Een teef mag niet meer worden gedekt na de dag waarop haar vierde nest is geboren.

3.5.

Tussen de geboortes van twee opeenvolgende nesten van dezelfde teef dient een termijn van minstens 12 maanden te zitten.

4. GEZONDHEIDSREGELS

4.1. Gezondheidsonderzoek (screening) ouderdieren:

preventieve screening van ouderdieren moet, als het gaat om: HD onderzoek, ED onderzoek, oogonderzoek en doofheidonderzoek, plaatsvinden door deskundigen die erkend zijn door de Raad van Beheer conform de door de Raad van Beheer voor deze onderzoeken opgestelde en/of goedgekeurde onderzoeksprotocollen.

4.2. Verplicht screeningsonderzoek:

Op basis van wetenschappelijk onderzoek zijn de volgende gezondheidsproblemen binnen het ras vastgesteld en moeten de ouderdieren vóór de dekking worden onderzocht op:

  • Oogafwijkingen (ECVO onderzoek)
  • Heupdysplasie

4.3. Aandoeningen:

met honden die lijden aan een of meer van onderstaande aandoeningen mag niet worden gefokt.

4.3.1. Heupdysplasie

4.3.1.1.

Ouderdieren moeten conform het onderzoeksprotocol zijn onderzocht waarbij de leeftijd minimaal 12 maanden is ten tijde van het onderzoek.

4.3.1.2.

Voor de fokkerij wordt gebruik gemaakt van een puntensysteem en wordende volgende regels gehanteerd:
HD A=1,  HD B=2,  HD C=3,  HD D=4
Ouderdieren met de HD-uitslag A of B of C mogen gebruikt worden voor de fokkerij indien de som van de dekking nooit hoger wordt dan 4 punten.

4.3.1.3.

Driejaarlijks worden door het bestuur de HD-uitslagen geëvalueerd op groei van het aantal gevallen HD C of slechter. Op grond van de uitkomst van de evaluatie kan het bestuur een voorstel doen aan de algemene vergadering tot aanpassing van het fokreglement. Het bestuur kan dit jaarlijks agenderen voor de algemene vergadering.

4.3.2. Oogafwijkingen (ECVO onderzoek)

4.3.2.1.

Ouderdieren moeten zijn onderzocht op erfelijke oogafwijkingen. Bij dekking mag de uitslag niet ouder zijn dan 1 jaar.

4.3.2.2.

Voor de fokkerij zijn uitgesloten: honden die de uitslag: “niet vrij” en “voorlopig niet vrij” van cataract en / of PRA hebben. Honden die de uitslag met gradatie ‘ernstig’ hebben voor de aandoeningen distichiasis, ectopische cilie en cornea dystrofie. Voor de overige gradaties van deze aandoeningen en andere aandoeningen geldt dat er niet gefokt mag worden met de uitslagen “niet vrij”, “voorlopig niet vrij” en “onbeslist”, tenzij de partner wel vrij is van deze aandoening.

4.3.2.3.

Driejaarlijks worden door het bestuur de ooguitslagen geëvalueerd. Op grond van de uitkomst van de evaluatie kan het bestuur een voorstel doen aan de algemene vergadering tot aanpassing van het fokreglement. Het bestuur kan dit jaarlijks agenderen voor de algemene vergadering.

4.3.3. Epilepsie

4.3.3.1.

Ouderdieren die lijden aan epilepsie mogen niet (meer) voor de fokkerij worden ingezet.

4.4. Diskwalificerende fouten:

met honden met één of meer van onderstaande diskwalificerende fouten (volgens de rasstandaard) mag niet worden gefokt.

  • Blauwe ogen

 

5. GEDRAGSREGELS

5.1. Karaktereisen:

beide ouderdieren moeten voldoen aan de karaktereisen zoals die in de rasstandaard zijn beschreven.

5.2.

Voor dit ras is een verplichte gedragstest niet van toepassing

6. WERKGESCHIKTHEID

6.1

Voor dit ras is een verplichte werkgeschiktheidtest niet van toepassing

7. EXTERIEURREGELS

7.1.

Deelname aan exposities is niet verplicht.

7.2.

Fokgeschiktheidskeuringen zijn niet van toepassing.

8. REGELS AFGIFTE PUPS, WELZIJN PUPS

8.1. Ontwormen en enten:

de fokker draagt zorg voor het deugdelijk ontwormen en inenten van de pups volgens gangbare veterinaire inzichten en voor een volledig door de dierenarts ingevuld en ondertekend Paspoort voor Gezelschapsdieren. De pups dienen bij aflevering adequaat ontwormd te zijn en zij dienen voorzien te zijn van een unieke ID transponder.

8.2. Aflevering pups:

de pups mogen niet eerder worden afgeleverd dan op de leeftijd van 53 dagen. Tussen de eerste enting en de overdracht aan de nieuwe eigenaar moeten minimaal 7 dagen zitten.

9. SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN

9.1.

Dit reglement is niet van toepassing op nesten die geboren worden uit een teef gedekt op of voor de dag waarop dit reglement in werking treedt.

9.2.

Gezondheidsuitslagen, exterieur-, gedrags- en/of werkkwalificaties die zijn afgegeven en/of voor de inwerkingtreding van dit reglement hebben plaatsgevonden, worden geacht onder de werking van dit reglement te zijn inbegrepen.

9.3.

Ieder lid van de AMCN die een nest wil fokken, is verplicht een dekaangifte deel 1 ( bijlage 1a van het huishoudelijk reglement ) en een geboorteaangifte deel 2 ( bijlage 1b van het huishoudelijk reglement ) aan te vragen en correct en volledig in te zenden. De dekaangifte deel 1 dient binnen 3 weken na datum dekking door het bestuur van de AMCN te zijn ontvangen. De geboorteaangifte deel 2 dient binnen 10 dagen na geboorte door het bestuur van de AMCN te zijn ontvangen. Dek- en geboorte-aangiften worden gepubliceerd op de website en in het clubblad van de AMCN inclusief de gezondheidsuitslagen van de beide ouderdieren.

9.4.

In bijzondere gevallen kan het bestuur van de vereniging bij een besluit met betrekking tot het toestaan van een bepaalde combinatie afwijken van dit VFR, indien de belangen van het ras daardoor worden gediend. Een besluit op basis van dit lid wordt met redenen omkleed naar de leden van de vereniging gecommuniceerd.

9.5.

Elk lid welke een nest fokt of op de fokkerslijst vermeld wil worden is verplicht in het bezit te zijn van het diploma KK1. Dan wel dient er een gezinslid, wonende op hetzelfde adres, te zijn welke actief betrokken, mede verantwoordelijk en mede aansprakelijk is voor de fok met een diploma KK1. Uitgezonderd van deze regel zijn fokkers welke op 1 november 2013 op de fokkerslijst van de AMCN voorkomen.

9.6.

Indien bovenstaande regels en voorwaarden, waartoe een ieder zich bij het aangaan van het lidmaatschap van de AMCN schriftelijk heeft verplicht, niet worden nagekomen, kan het bestuur bij misbruik passende maatregelen nemen tegen dit betreffende lid.

9.7.

Twee door het bestuur hiertoe aangewezen personen kunnen, na voorafgaande aanmelding, een nestbezoek brengen bij een fokker en zullen hiervan verslag uitbrengen aan het bestuur.

10. INWERKINGTREDING

10.1.

Dit Verenigingsfokreglement treedt in werking op 1 april 2014 nadat het reglement is goedgekeurd door het bestuur van de Raad van Beheer conform de artikelen 10 HR en VIII. 5+ 6 KR.

 

Aldus vastgesteld door de Algemene Ledenvergadering van de Alaskan Malamute Club voor Nederland op 17-11-2013 te Brummen.

De voorzitter, Kasper de Nooijer

De Secretaris, Wilma Hell-Frijters

Elke fokker is zelf verantwoordelijk voor het fokken en afleveren van zijn pups. De AMCN aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid ten aanzien van eventuele gebreken, van welke aard dan ook, bij de hond, betrokken van een fokker aangesloten bij de AMCN. Ook als deze zich houdt aan het bepaalde in het fokreglement.

Rasvereniging aangesloten bij de Raad van Beheer