De club
Het ras
Algemeen
Fokkerij
Activiteiten
Zeker lezen..
infomail
Joomla Featured Articles Module by DART Creations
Laatste nieuws

Fokreglement

pameiyut-team-lrRasspecifiek Fokreglement voor de Alaskan Malamute

1. ALGEMEEN

1.1.

Het Rasspecifiek Fokreglement voor het ras Alaskan Malamute beoogt bij te dragen aan de behartiging van de belangen van het ras, de  Alaskan Malamute, zoals deze zijn verwoord in de statuten en het huishoudelijk reglement van de A.M.C.N. Dit rasspecifiek fokreglement is goedgekeurd door de algemene ledenvergadering van de A.M.C.N. op (datum). Inhoudelijke aanpassingen van dit rasspecifiek fokreglement kunnen uitsluitend plaatsvinden met instemming van de algemene ledenvergadering van de A.M.C.N.

1.2.

Dit Rasspecifiek Fokreglement geldt voor alle fokkers van de AMCN en voor alle overige leden die lid zijn van deze rasvereniging.

1.3.

Ieder lid van de A.M.C.N. die een nest wil fokken, is verplicht een dekaangifte deel 1 (bijlage 1a van het huishoudelijk reglement) en een geboorteaangifte deel 2 (bijlage 1b van het huishoudelijk reglement) aan te vragen en correct en volledig in te zenden. De dekaangifte deel 1 dient binnen 3 weken na datum dekking door het bestuur van de A.M.C.N. te zijn ontvangen. De geboorteaangifte deel 2 dient binnen 10 dagen na geboorte door het bestuur van de A.M.C.N. te zijn ontvangen. Dek- en geboorte-aangiften worden gepubliceerd op de website en in het clubblad van de A.M.C.N. inclusief de gezondheidsuitslagen van de beide ouderdieren.

1.4.

De definities en regelgeving zoals deze zijn vastgesteld in het Kynologisch Reglement van de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland zijn ook van toepassing op dit Rasspecifiek Fokreglement.

2. FOKREGELS

2.1.

Verwantschap: beide ouderdieren mogen niet met elkaar in relatie staan als broer-zus, vader-dochter of moeder-zoon.        

2.2.

Herhaalcombinaties: de combinatie van dezelfde reu en teef is 3 maal toegestaan.                    

2.3.

Cryptorchide en monorchide: cryptorchide of monorchide reuen zijn uitgesloten van de fokkerij.

2.4.

Gebruik buitenlandse dekreuen:  wanneer een Nederlandse fokker voor een dekking een dekreu gebruikt die in het stamboek van een buitenlands door de FCI erkend stamboek is ingeschreven, dan moet deze dekreu voldoen aan de gezondheidseisen die de A.M.C.N heeft opgesteld.

2.5.

Kunstmatige inseminatie (sperma van overleden/levende dekreuen): bevruchting door middel van kunstmatige inseminatie is  toegestaan. Indien het een overleden hond betreft, dient de reu te voldoen aan de destijds gestelde en geldende eisen. De fokker overlegt de laatst bekende onderzoeksresultaten voor overlijden.

3. WELZIJNSREGELS

3.1.

Minimum leeftijd teef: de teef mag op het tijdstip van de dekking niet jonger zijn dan 22 maanden.

3.2.

Minimum leeftijd reu: een reu zal niet beneden de leeftijd van 18 maanden voor een dekking gebruikt worden.

3.3.

Maximum leeftijd teef: de teef mag niet worden gedekt na de dag waarop zij 96 maanden oud wordt.

3.4.

Maximum leeftijd 1e dekking teef: de teef mag bij de dekking voor het eerste nest niet ouder zijn dan 72 maanden.

3.5.

Periodiciteit nesten: een teef mag in een periode van 24 maanden maximaal twee nesten hebben, waarbij de periode tussen de dekking van het eerste nest en van het tweede nest minimaal 10 maanden moet zijn. De periode van 24 maanden start op de datum waarop de dekking voor het eerste van de twee binnen deze periode geboren nesten heeft plaatsgevonden.

3.6.

Aantal nesten: een teef mag gedurende haar leven in Nederland maximaal 4 nesten krijgen.

4. GEZONDHEIDSREGELS

4.1.

Gezondheidsonderzoek ouderdieren: gezondheidsonderzoeken van ouderdieren moeten plaatsvinden door deskundigen aangewezen door  de FCI, conform de door de FCI  voor deze onderzoeken opstelde en/of goedgekeurde onderzoeksprotocollen.

4.2.

Herbeoordeling en/of heroverweging: als de eigenaar zich niet kan verenigen met de uitslag van een verricht onderzoek, kan deze conform het door de FCI vastgestelde algemeen onderzoeksreglement en het betreffende onderzoeksprotocol om herbeoordeling en/of heroverweging van de uitslag vragen. Totdat de uitslag van de herbeoordeling en/of heroverweging bekend is, blijft de oorspronkelijke uitslag van het onderzoek waarvoor herbeoordeling en/of heroverweging is gevraagd geldend.

4.3.

Verplichte onderzoeken: op basis van onderzoek zijn de volgende gezondheids-problemen binnen het ras vastgesteld en moeten de ouderdieren worden onderzocht op:

 

4.3.1.

Heupdysplasie: ouderdieren moeten conform het onderzoeksprotocol zijn onderzocht waarbij de leeftijd minimaal 12 maanden is ten tijde van het onderzoek op heupdysplasie waarbij de volgende combinaties zijn toegestaan :

Aan de HD-uitslagen wordt het volgende puntensysteem gegeven:

HD A=1 / HD B=2 / HD C=3 / HD D=4.

Ouderdieren met de HD-uitslag A of B of C mogen gebruikt worden voor de fokkerij indien de som van de dekking nooit hoger wordt dan 4 punten.

Driejaarlijks worden door het bestuur de HD-uitslagen geëvalueerd op groei van het aantal gevallen HD C of slechter. Op grond van de uitkomst van de evaluatie kan het bestuur een voorstel doen aan de algemene vergadering tot aanpassing van het fokreglement. Het bestuur kan dit jaarlijks agenderen voor de algemene vergadering.

 

4.3.2.

Ogen (ECVO):  ouderdieren moeten conform het onderzoeksprotocol zijn onderzocht op erfelijke oogafwijkingen. Bij dekking mag de uitslag niet ouder zijn dan 1 jaar.

Er mag worden gefokt met de uitslagen: “vrij” en “voorlopig vrij”. Tevens is het toegestaan om te fokken met een hond met één oogafwijking waarbij als eis geldt dat één van beider ouderdieren “vrij” moet zijn. Voor de fokkerij zijn uitgesloten: honden die de uitslag hebben: “niet vrij” van cataract en/of PRA.

Driejaarlijks worden door het bestuur de ooguitslagen geëvalueerd.

Op grond van de uitkomst van de evaluatie kan het bestuur een voorstel doen aan de algemene vergadering tot aanpassing van het fokreglement. Het bestuur kan dit jaarlijks agenderen voor de algemene vergadering.

4.3.3  

Epilepsie : Honden bij wie de diagnose epilepsie is gesteld mogen niet (meer) voor de fokkerij worden ingezet.      

5. SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN

5.1.

In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist de Raad van Beheer in overleg met het bestuur van de rasvereniging.

5.2.

Tegen beslissingen van de rasvereniging en/of de Raad van Beheer, waarbij een belanghebbende rechtstreeks in zijn belang wordt getroffen, staat bezwaar en beroep open bij het tucht ollege voor de Kynologie, overeenkomstig het bepaalde in het reglement betreffende het tucht ollege voor de Kynologie.

5.3.

Zowel door de Raad van Beheer als door de rasvereniging kunnen ten aanzien van dit reglement wijzigingen worden voorgesteld. De aanpassingen behoeven in alle gevallen goedkeuring van de algemene ledenvergadering van de rasvereniging of van een in de statuten en huishoudelijk reglement van de rasvereniging anders bepaald orgaan.

5.4.

Dit reglement is niet van toepassing op de inschrijving van honden die geboren worden uit een teef gedekt op of voor de dag waarop dit reglement in werking treedt.

5.5.

Gezondheidsuitslagen, die zijn afgegeven en/of hebben plaatsgevonden voor de inwerkingtreding van dit reglement, worden geacht onder de werking van dit reglement te vallen.

5.6.

Indien bovenstaande regels en voorwaarden, waartoe een ieder zich bij het aangaan van het lidmaatschap van de A.M.C.N. schriftelijk heeft verplicht, niet worden nagekomen, kan het bestuur bij misbruik passende maatregelen nemen tegen dit betreffende lid.

5.7.

Twee door het bestuur hiertoe aangewezen personen kunnen, na voorafgaande aanmelding, een nestbezoek brengen bij een fokker en zullen hiervan verslag uitbrengen aan het bestuur.


Aldus bij besluit aangenomen in de algemene vergadering van

 

Datum: 1 november 2009                            Plaats: Vuren

 
Content: Danielle Nierop Techniek: Marco Kerklaan Design: Jacqueline Verbeek